|
20 september 2009, Kees van den Berg (Weblog)
6 augustus 2009, Tinny Beekman
Complimenten voor dit initiatief!
Collegereeks komt op een goed tijdstip. Mijn vakgenoot Jacqueline Peels en ik zijn bezig een aanbod te ontwikkelen voor organisaties voor 50+ medewerkers. We waren net begonnen aan de eerste van een reeks interviews in het kader van de behoefte-analyse toen deze collegereeks werd aangekondigd.
19 juli 2009, Martin Overbeeke
Wat een goed idee om een leergang te
ontwikkelen!
Eén van de vraagstukken van dit moment is
dat we geen idee hebben wat een groot cohort van
ouderen (60 tot 65-jarigen) betekent voor een
organisatie in termen van organisatie,
efficiëntie, effectiviteit, inzetbaarheid en
kosten; maar we weten ook niet wat het betekent in
de levensloop van mensen om tot 65 jaar of langer
door te werken. In de praktijk van de afgelopen
decennia is een gewoonte ontstaan om ruim voor de
leeftijd van 60 jaar de arbeid te beëindigen.
Maar de tijd om als 59-jarige met een camper Europa
in te trekken is definitief voorbij, alleen de
meeste mensen beseffen dat nog niet. De finish is
geruisloos verlegd van 60 min naar 65 plus. De
gemiddelde uittreedleeftijd staat nu op ca. 61,5
jaar en stijgt langzaam.
Een probleem is dat de functie-eisen geen gelijke
tred houden met een lager energieniveau van oudere
medewerkers. Ik zie in mijn praktijk eerder het
tegenovergestelde. Stijgende competentie-eisen
tegenover een dalend energieniveau. Voorzichtige
calculaties van de werkgeversvereniging tonen aan
dat de kosten voor oudere medewerkers aanmerkelijk
hoger liggen dan voor hun jongere collega's. Dat is
geen populaire boodschap.
Persoonlijk denk ik dat doorwerken boven de 60
jaar geen probleem hoeft te zijn, mits er een goede
balans wordt gevonden tussen belasting en
belastbaarheid. Belangrijk is dat men gedurende de
loopbaan voldoende kansen heeft gehad op uitdaging,
rol- en taakwisselingen en
ontwikkelingsmogelijkheden. Bij de huidige
generatie 50-plussers zal dat dikwijls niet het
geval zijn geweest. Je hoort soms dat de
mobiliteitsbereidheid gering is, maar het zijn
eerder de mobiliteitsmogelijkheden van mensen met
een monocarrière die gering zijn.
De keuze voor 65 jaar is een begrijpelijke
politiek, economische keuze. Overigens een keuze
die door de Nederlandse overheid op een stringente,
lees dogmatische manier wordt uitgedragen, maar dit
terzijde. Als ik zo kijk naar de ontwikkelingen,
dan zou het me niet verbazen dat veel mensen
uiteindelijk via de ziektewet en WIA het
arbeidsproces voor 65 jaar moeten verlaten. Veel
werknemers zullen die eindstreep niet halen. Dat is
niet nodig, met een verstandig beleid, waarin
ruimte is voor flexibele en maatwerk-oplossingen
kan veel leed worden voorkomen. Het gaat niet om de
grens van 65 jaar, het gaat om maximale
inzetbaarheid gedurende elke levensfase. Ik ben
daarom blij met een initiatief om vanuit een
beroepsmatige en wetenschappelijke manier aan dit
vraagstuk te werken. Ik wens A&O veel
succes ermee.
|